
Hannah Belliot, stadsdeel bazin van 1998 – 2002, was de eerste Surinaamse man/vrouw, die in de Bijlmer met veel verontwaardiging sprak over de talrijke Surinaamse mannen, jong en oud, die de opvoeding van hun kind geheel aan de vrouw cq meisje lieten. Ze verwekten liever een kind bij een andere vrouw, hoewel hen dat bij een Surinaamse vrouw veel kadootjes kostten. En zo ontstonden veel eenouder-gezinnen, met broertjes en zusjes met allen een eigen papa, daar buiten ergens tijdelijk inwonend bij een andere vrouw, in hun eigen appartement of op kamers bij hun zus of moeder. Er waren ook papa’s die bij hun vrouw bleven, maar een eigen man cave in het huis opeisten, zoals een eigen, afsluitbare woonkamer of een woonkamer waarin hun biljart stond. Uitzonderingen waren er natuurlijk ook, zoals de getrouwde/samen wonende man met buitenvrouw of bijvoorbeeld de vader die 35 kinderen verwekte, waarvan in totaal vier bij haar moeder.
De meisjes en jongetjes wisten vaak niets over voorbehoed middelen en een kind zonder vader was vaak niet onwelkom, want dan kon je als meisje van school en kwam je in aanmerking voor bijstand, wat je arme moeder ook weer op prijs kon stellen. Een oplossing om minderjarige meisjes toch hun middelbare school te laten afmaken, bijvoorbeeld een speciale klas voor meiden met zwangerschap of kind, kwam in de Bijlmer, zoals overal elders, niet van de grond, hoewel daar begin 1990 in de OSB over vergaderd werd. Gelukkig was er in die tijd, vanaf eind jaren ’80, wel een club die hen bijstond: Mi Oso Es Mi Cas, een initiatief van Elfriede Sinester, later omgedoopt tot meidencentrum zuidoost. Op foto staat Elfriede 2de van rechts.
Tien jaar later, in 2012 – 2015, stonden er een paar mannen op onder leiding van Orville Breeveld, de zoon van Belliot, die via Vitamine V. de mannen een rol als vader wilden aanleren. Er kwamen bijeenkomsten in het BijlmerParkTheater, het hield op en er kwam in 2015 een vervolg met D.A.D (Dedicated Active Dad), die ongevraagd het initiatief wilde voorzetten. Het was inmiddels een zaak van het stadsdeel geworden, die ongevraagd Orville c.s. op de folder zetten wat Orville c.s. niet pikten. Zij spraken van roof en stopten er mee. Dat deed ook het stadsdeel.
Nu tien jaar later doet het Stadsdeel een nieuwe poging de verwekker een vaderrol te geven, want het stadsdeel ziet te weinig mannen achter de kinderwagen. Ik weet niet of het idee van stadsdeelbestuurder Raoul White is, maar hij schrijft er officieel over. Dit ondermeer: Samen met de lokale gemeenschap, de community, gaan we de vaderbetrokkenheid optimaliseren. We doen dit via een meerjarige aanpak, die een jaar geleden is gestart. Het doel: duurzame versterking van vaderbetrokkenheid, vaderlijke rolmodellen en mannenemancipatie. Hij White eindigt met: Naast mijn droom om meer betrokkenheid van vaders te creëren, wens ik ook dat de mannen in Zuidoost zich trots voelen. Op hun kinderen, hun wijk, en op zichzelf. Deze trots wil ik laten versterken in een inloophuis. Een multifunctionele plek waarin uiteenlopende activiteiten worden georganiseerd. Van intensieve cursussen tot gezellige netwerkavonden.
Inmiddels is men na een jaar al zover dat er een werkconferentie georganiseerd kan worden, hoewel je natuurlijk dankzij bovenstaande al gedacht moet hebben dat die conferentie er al geweest was. Nee, dus, maar man en vrouw kunnen zich aanmelden: k.brammerloo@amsterdam.nl
Opvallend is dat White alle vaders op een hoop gooit en het impliciet alleen heeft over vaders die bij het gezin wonen. En het is zeer de vraag wat hij überhaupt van ze weet. Hij heeft het inn ieder geval niet over de vaders, die eigenlijk nooit vader zijn geweest, maar vooral verwekker. Hij heeft het ook niet over migranten, bijvoorbeeld Ghanezen, die op zeker moment vrouw en kind achterlaten om elders in de wereld aan de slag te gaan, zoals drie van die vaders op mijn galerij deden. En hij heeft het niet over die vrouwen, die geen man in huis willen, maar wel een zoon die centen binnen brengt, al dan niet onrechtmatig geoogst. Hij heeft het niet over armoe, de geërfde cultuur en de levens instelling die daaruit voort vloeit. Hij heeft het over nette gezinnen, waarvan de man blijkbaar geen zin en tijd heeft om achter de kinderwagen plaats te nemen. Die man verbeter je niet met een inloophuis, die gaat daar niet samen met vreemde mannen van overal vandaan z’n vaderschap verbeteren.
Betere vaders worden gemaakt door hun vrouw, hun cultuur, hun opvoeding en hun blik op wereld. En ondertussen gaat het steeds beter. Kijk naar al die jonge mannen, die hun kind nog meer vertroetelen dan ma en welzeker de kinderwagen duwen. White lijkt alleen de hangman te kennen en ja, die zal nooit naar hem luisteren. En bij de man op onderstaande foto uit 1986, gemaakt door Madeleen Ladee, en getrouwd/samenwonend met een dochter van Elfriede Sinester hoeft hij ook niet meer aan te komen.

